Molenstraat (Rotselaar)
Kort
Genoemd naar de watermolen van Rotselaar, al sinds de 13de eeuw één van de grootste watermolens in Brabant.
Duiding
De betekenis van deze straatnaam is vrij vanzelfsprekend. De watermolen van Rotselaar is al sinds de 13de eeuw één van de grootste watermolens in Brabant. De bouw van een dergelijk groot watermolencomplex vergde veel kapitaal. Geen evidente onderneming, gezien de Dijle een belangrijke scheepvaartroute vormde tussen Mechelen en Leuven. De molen werd opgericht langs een gegraven aftakking van de Dijle, het molenkanaal of de ‘molengracht’, zodat de schepen langs de natuurlijke bedding van de Dijle konden varen. De twee Dijle-armen hadden in de 15de eeuw zelfs een bijnaam: Maas (de Dijle) en Rijn (de molengracht). Tot in de 16de eeuw bestond het molencomplex uit twee gebouwen, aan weerskanten van het molenkanaal.
Dit hele molenlandschap is gecreëerd door de eerste heren van Rotselaar. Dit belangrijk en kapitaalkrachtig adellijk geslacht was afkomstig van een invloedrijke Leuvense familie van dienstmannen of ‘ministerialen’ aan het hof van de hertog van Brabant in Leuven. Rond 1150 kreeg de familie van de hertog Rotselaar in leen: de ex-ministerialen bouwden rond 1150-1175 kort bij de Dijle een imposante burcht en gingen zich nu ‘van Rotselaar’ noemen. Waar de weg vanuit Rotselaar naar Wijgmaal de Dijle kruiste, bouwden ze het watermolencomplex. De oudste vermelding van de molen dateert uit 1217.
Meer weten over de verdere geschiedenis van de watermolen en zijn pioniersrol in Vlaanderen in de energietransitie? Bezoek dan zeker de website: www.molenvanrotselaar.be.
De gronden van de heer van Rotselaar op een kaart uit 1596-1598. Boven, de ruïne van de motteburcht, met romaanse donjon op een steile motte. Onder, de watermolens aan weerszijden van het molenkanaal. Daaronder, de molensluis. (KU Leuven, universiteitsarchief)
Informatie: dr. Bart Minnen, historicus verbonden aan de KU Leuven.